Baby & peuter (0 – 4 jaar)

Een veelvoorkomend probleem bij baby’s is een voorkeurshouding. Ter voorkoming van de wiegendood wordt geadviseerd om baby’s op hun rug te laten slapen. Aangezien de baby’s de eerste weken nog niet sterk genoeg zijn om hun hoofdje in het midden te houden kijken ze vaak één kant op. Hierdoor kan een voorkeurshouding ontstaan. Een voorkeurshouding houdt in dat uw kindje liggend op zijn rug steeds naar dezelfde kant kijkt en dus altijd op dezelfde kant van zijn hoofdje ligt. Door de voorkeurshouding en het langdurig op een kant van het (achter)hoofd liggen ontstaat er soms een afplatting of een scheve stand van het hoofdje. Een voorkeurshouding kan er ook toe leiden dat een kindje zijn armen en benen niet aan beide kanten evenveel beweegt, dat de baby niet recht kan liggen of het hoofdje niet recht kan houden. De eenzijdige voorkeur kan het kind zelfs belemmeren in de verdere ontwikkeling.

 

Een voorkeurshouding kan goed worden verholpen door middel van kinderfysiotherapie, de therapie bestaat dan uit oefenen en adviezen voor thuis. Indien nodig kan er een meting worden gedaan van de schedel om de mate van afplatting te beoordelen (zie plagiocephalometrie).

 

Niet alleen baby’s met een voorkeurshouding, maar ook baby’s die zich veel overstrekken, veel huilen, onrustig zijn of moeite hebben met het behalen van de motorische mijlpalen (rollen, zitten, staan, lopen) kunnen worden geholpen door de kinderfysiotherapeut. Tijdens de behandeling informeert de kinderfysiotherapeut de ouders zodat deze hun kind kunnen steunen in de ontwikkeling van nieuwe lichamelijke vaardigheden.

 

Ook met uw peuter kunt u terecht bij de kinderfysiotherapeut. Denk hierbij aan problemen in de motorische ontwikkeling wat zich bijvoorbeeld kan uiten in vaak vallen, onhandige kinderen, kinderen die moeite hebben met lopen. Maar ook met orthopedische problemen zoals de nabehandeling van een breuk.

Plan direct uw afspraak